Hoe geloofwaardig zijn CD&V, Open VLD en SP.a in het dossier Rooiveld?


door Remi Heylen

voorzitter Groen! Westerlo

De houding van nogal wat leden van de bestendige deputatie van de provincie Antwerpen in het dossier Rooiveld is in tegenspraak met wat hun respectievelijke partijprogramma’s verkondigen voor wat inspraak voor de burger betreft en het duurzaam en inclusief beleid van de provincie en de Vlaamse regering.

Gedeputeerde Koen Helsen (Open VLD) zei op de infovergadering dat er enkel nog aan de punten en de komma’s in het plan iets kon gewijzigd worden.

Gedeputeerde Ludo Helsen (CD&V) beweerde op een ACW-vergadering dat er aan de locatie niets meer kon gedaan worden.

Gedeputeerde Jos Geuens (SP.a) beweerde op de viering van tien jaar PMINA-raad in Antwerpen dat het kwaad al in 2002 was geschied en dat er 5000 handtekeningen pro en 4000 tegen waren binnengekomen.

Vlaams minister voor sport Bert Anciaux (SP.a) beweerde in 2006 dat hij elk dossier van een actiecomité dat aantoonde, dat de meerderheid een dossier door de strot van een lastige wijk wou rammen, grondig zou onderzoeken.

De sluipende besluitvorming rond het dossier Rooiveld staat in schril contrast met wat in de partijprogramma’s geschreven staat.

30 jaar gesjoemel wordt hier met de mantel van de politieke coalitieliefde toegedekt.

Noch de Vlaamse regering, noch de bestendige deputatie, noch het schepencollege hebben de burgers bij de besluitvorming betrokken.

Het openbaar onderzoek dat in het kader van dit PRUP moest gehouden worden, was de eerste en de enige keer dat om de mening van de burgers werd gevraagd.
Het was ook de eerste keer dat over de omvang van de plannen enige en dan nog heel summiere uitleg werd gegeven.

Dat een internetpeiling, waarvan de vraagstelling niet direct verband hield met het PRUP, waarbij Nederlandse steden/gemeenten vervangen werden door Vlaamse om te verhinderen dat het zou opvallen dat vooral 4x4-liefhebbers uit Nederland de petitie ondertekenden, op dezelfde hoogte wordt gesteld als 4000 individuele bezwaren roept bij ons veel vraagtekens op over de objectiviteit waarmee de bestuurders dit dossier benaderen.

In 1999 volstond welgeteld één bezwaarschrift om de illegale activiteiten te doen stoppen.
In 2000 bevestigde de Raad van State de vergunningsweigering.
In 2009 zou men dan 4000 bezwaarschriften naast zich neerleggen?

Hoe open is dan de VLD?

Hoe belangrijk zijn de mensen dan voor de CD&V?

Hoe sociaal en progressief en anders is dan de SP.a?

 

Een paar citaten uit de partijgeschriften :

Open VLD

Tweede Burgermanifest 1991 - De Burgerdemocratie

De burger opnieuw greep geven op de politiek en de politici, vereist dat de burger ook de kans krijgt zelf te beslissen over essentiële punten. Vele, vooral beroepspolitici zijn daartegen gekant. Voor hen is, zoals de jakobijnse traditie het wil, de burger een vrije slaaf die ‘“bij kontrakt”’ (lees verkiezingen), een deel van zijn individuele vrijheid en zijn persoonlijke rechten heeft afgestaan aan het ‘“algemeen belang”’ (lees de politiek). Voor hen is het niet wenselijk dat de burger zelf spreekt, beslist of regeert. Hij wordt daar niet toe in staat geacht. Alleen zij die verkozen zijn hebben het politieke leven in handen. Dat is een reduktionistische visie, die de mogelijkheden van de mens miskent . Een drogreden ook, die verraadt dat het deze politici er in feite niet om te doen is de kiezers te vertegenwoordigen, maar wel de burgers te doen gehoorzamen. De burger de kans geven rechtstreeks te beslissen, is daarom een noodzakelijke stap in het dichten van de kloof tussen burger en politiek.

CD&V

Vlaams partijprogramma
DE FUNDAMENTEN VERSTERKEN. DE TOEKOMST VOORBEREIDEN.
MEER RESPECT, BETER SAMEN-LEVEN

Voor de Vlaamse christen-democraten telt elke mens. Vlaamse christen-democraten strijden voor een open, betrokken, solide en solidaire samenleving. Die moet mensen ontplooiingskansen, ondernemingsspirit, houvast en perspectief bieden. Een samenleving kortom waarin vrije mensen respect hebben voor elkaar en voor hun omgeving én zich ook gerespecteerd weten.

De Vlaamse christen-democraten willen dat de mensen zelf de samenleving dragen.

CD&V geeft steun aan de samenlevingsopbouw en bestrijdt de samenlevingsafbraak. CD&V gaat ervan uit dat de verantwoordelijkheid begint bij de individuele vrouw of man. Elke mens heeft de plicht om zijn of haar verantwoordelijkheid op te nemen.

Basistekst van de themagroep stilte en rust als collectieve waarde (VLM) gesteund door het plattelandsbeleid (Kris Peeters CD&V) en volksgezondheid (Veerle Heeren CD&V).

Vandaag groeit zienderogen de maatschappelijke vraag naar beleving van rust en stilte. Stilte en rust als collectieve waarde wordt traditioneel met het platteland geassocieerd. In drukke tijden is het platteland voor veel mensen – zowel voor bewoners als voor bezoekers van buitenaf – een collectieve ruimte waar je tot rust kan komen.

Stilte is ongetwijfeld een bron van leefkwaliteit – een stille leefomgeving kan als kwalitatief beter worden aanzien dan een onrustige of lawaaierige omgeving. Daarnaast is stilte ook een basiswaarde, een authentieke waarde van het platteland. Het brengt het beste van het platteland samen.

Deze eigentijdse thematiek van stilte, rust en eenvoud is intrinsiek verbonden met verschillende beleidsdomeinen (zoals gezondheid, mobiliteit, leefmilieu, cultuur, welzijn, onderwijs, landbouw, toerisme, multiculturaliteit in een landelijke omgeving) en verschillende beleidsniveaus (lokaal, provinciaal, regionaal).

Op 12 juni 2006 is daarom de themagroep “Stilte en rust als collectieve waarde: voorstellen ontwikkelen rond het stimuleren van de kwaliteiten rust en stilte op het Vlaamse platteland” in het leven geroepen. Deze themagroep werkt aan een langetermijnvisie omtrent stilte en rust als collectieve waarde. Tegelijkertijd wordt er gepoogd een Vlaams forum op gang te brengen dat mensen kan inspireren en dat instaat voor sensibilisatie en bewustmaking.

Het Provinciaal Plattelandsontwikkelingsplan 2007 - 2013

dat op 28 juni door de provincieraad werd goedgekeurd.

In de inleiding zegt Ludo Helsen, (CD&V) Gedeputeerde voor landbouw en platteland Provincie Antwerpen, het volgende :

“Als intermediair bestuur zijn we bijzonder geschikt om in te spelen op bepaalde regionale en ovenlokale Antwerpse noden op het platteland, waarbij we zowel met hogere overheden als Europa en Vlaanderen als met lokale besturen en plattelandsactoren rekening houden. Om lokale actoren en besturen te laten participeren in de uitvoering van ons provinciaal plattelandsbeleid ontwikkelden we dit Provinciaal Plattelandsontwikkelingsplan, waarin de gestelde Europese en Vlaamse doelstellingen en maatregelen vertaald worden naar concrete maatregelen die moeten bijdragen tot het creëren van een leefbaar en kwaliteitsvol platteland waar het aangenaam wonen, werken en genieten is. En hiervoor rekenen we dus ook op u, want voor ons platteland moeten wij – overheid en burger, gemeenschap en individu - samen zorg dragen, we zijn er samen verantwoordelijk voor. Was het niet Lucebert die ooit zo mooi dichtte “Alles van waarde is weerloos”? Dit Plattelandsontwikkelingsplan richt zich dan ook voornamelijk op projectpromotoren die via lokale initiatieven een bijdrage willen leveren aan de realisatie van de doelstellingen van ons provinciaal plattelandsbeleid en aan de brede ontwikkeling van het gehele landelijke gebied. Wie hiervoor op zoek is naar inspiratie zal ze in dit plan ongetwijfeld vinden! De provincie formuleerde in haar Beleidsnota vijf doelstellingen die aansluiten bij de verschillende gebruiksruimtes van het Antwerpse platteland:
1. Woon- en leefruimte: Zorgen voor een leefbaar en kwaliteitsvol platteland;
2. Werkruimte: Creëren van een gunstig economisch klimaat op het platteland;
3. Collectieve ruimte: Realiseren van een platteland met oog voor het natuurlijk milieu en kwaliteit van het landschap;
4. Consumptieve ruimte: Vrijwaren van het platteland als ruimte voor kwaliteitsvolle vrijetijdsbesteding;
5. Identiteit en communicatie: Aandacht hebben voor identiteitsversterking van en over het platteland

SP.a

Lokaal draagvlak

In de Commissievoor Cultuur, Jeugd, Sport en Media van 22.06.2006 antwoordde Vlaams minister Bert Anciaux(SP.a) het volgende op vragen van mevrouw Hermans en mijnheer Peumans :
“Ik wil even op het belang van het maatschappelijk draagvlak ingaan. Een stevig gemotiveerd advies van de betrokken gemeentebesturen is natuurlijk belangrijk. Dit is niet onlogisch. De gemeentebesturen blijven de democratische vertegenwoordiging van de bevolking. Een gemeentebestuur kan bepaalde zaken echter op een geïsoleerd deel van de eigen gemeente afschuiven. Die mogelijkheid bestaat. Indien een absolute meerderheid in de gemeente een bepaald project haalbaar acht, kan het gemeentebestuur dit in een lastige wijk uitvoeren. Indien de onmiddellijke omwonenden te zwaar zouden worden gehinderd, is een dergelijke inplanting evenwel niet verantwoord.
Indien een actiecomité een ernstig dossier opstelt, moeten we daar rekening mee houden. Ik heb alleszins te veel eerbied voor actiecomités om daar geen rekening mee te houden. Dit betekent niet dat elk actiecomité de waarheid in pacht heeft. Die uitspraak zou te ver gaan. Een eigen studie moet aantonen of het gebrek aan lokaal maatschappelijk draagvlak terecht wordt ingeroepen. Die studie moet tevens rekening houden met de situatie van de omwonenden in de omgeving van het voorgestelde terrein.”

Duurzame ontwikkeling

Letterlijk zegt het nieuwe grondwetsartikel 7bis dat "bij de uitoefening van hun respectieve bevoegdheden, streven de federale staat, de gemeenschappen en de gewesten de doelstellingen na van een duurzame ontwikkeling in haar sociale, economische en milieugebonden aspecten, rekening houdend met de solidariteit tussen de generaties".

Willem Stevens (SP.a Brussel) zegt hierover het volgende :

“Door het invoeren van Duurzame Ontwikkeling als algemene beleidsdoelstelling wordt duidelijk gemaakt dat het geen "nagedachte" is bij het dagelijks beleid. Integendeel, elk beleid moet ervan doordesemd worden. Elke beleidsbeslissing moet worden getoest binnen een bredere visie van Duurzame Ontwikkeling. Dat geldt trouwens niet enkel voor het hier en het nu. Met het opnemen van Duurzame Ontwikkeling in de Grondwet wordt de overheid ook verplicht om rekening te houden met de rest van de wereld en met de belangen van de toekomstige generaties die vandaag hun democratische stem nog niet kunnen laten gelden.”

In een persbericht van gedeputeerde voor leefmilieu Jos Geuens (SP.a) van 21 maart 2008 lezen we dat de deputatie op basis van voormoemd grondwetsartikel een vergunning weigert aan BioX Energy Belgium, een dochter van de Nederlandse energiegroep BioX. Dit bedrijf wilde een elektriciteitscentrale bouwen in de Antwerpse haven. De eenheid zou elektriciteit opwekken door de verbranding van tropische palmolie.

Als we in het bewuste persbericht van de gedeputeerde voor leefmilieu de naam BioX Energy Belgium vervangen door Rooiveld en palmolie door motorcross dan komen we tot de volgende persmededeling :
“Het provinciebestuur van Antwerpen, in opdracht van de Vlaamse overeid maar op voorstel van datzelfde provinciebestuur,wil een permanent terrein voor lawaaisporten ontwikkelen in het Rooiveld te Westerlo.
Hiervoor wil het provinciebestuur via een PRUP 20 ha goede landbouwgrond omvormen tot recreatiegebied.
De deputatie trekt de duurzaamheid van dit PRUP echter in twijfel. Voor de weigering beroept de provincie zich op het nieuwe art.7bis in de Belgische Grondwet, dat stelt dat de overheden in ons land in de uitoefening van hun bevoegdheden de doelstellingen van duurzame ontwikkeling moeten nastreven. En daarnaast ook nog op het Decreet van 05/04/1995 Algemene Bepalingen inzake het Milieubeleid (DABM) dat de duurzame aanwending van grondstoffen en de natuur als basisdoelstelling voor het milieubeleid vooropstelt.
Gedeputeerde voor Milieu: “Het PRUP zou enkel kunnen als de geplande activiteiten geen nefaste invloed zullen hebben op de lokale voedselvoorziening, biodiversiteit, milieu, welvaart en welzijn. En dat is nu net het probleem. Bij het organiseren van hoogdynamische activiteiten kan het voldoen aan deze doelstellingen niet gegarandeerd worden.
De mogelijke uitbereiding van de activiteiten zullen nog meer landbouwgrond innemen.
De voedselprijzen schieten omhoog, omdat energiegewassen de plaats innemen van voedingsgewassen.”
...
“Wij hebben vandaag besloten dat er momenteel niet voldoende garanties zijn op een duurzame ontwikkeling enf/of beheer. De hogere overheid, Europa of de internationale gemeenschap dient hiervoor een duidelijk kader te voorzien om vergaande garanties te bieden.”

 

Tags: